Bestaat suikerverslaving?

Er zijn steeds meer mensen die beweren dat ze een suikerverslaving hebben. De media heeft hier natuurlijk een grote invloed op gehad door suiker te positioneren als het grote kwaad. Wij kijken liever naar de feiten en geven je graag antwoord op de vraag: Is het mogelijk om verslaafd te raken aan suiker? 

Wat zou een suikerverslaving zijn?

Het is nogal wat om te stellen dat iemand ergens verslaafd aan is. Dit kun je dus ook niet zomaar zeggen en daarom is er een speciale gids ontwikkeld genaamd de DSM V (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders) om te bepalen of iemand een verslaving heeft. In totaal zijn er elf criteria in opgenomen. Wanneer je aan twee of drie criteria voldoet dan wordt er gesproken van een milde verslaving, bij vier of vijf criteria heb je een gematigde verslaving en bij zes of meer criteria heb je een ernstige verslaving. De elf criteria op een rijtje:

  • Je besteedt veel tijd aan gebruiken en/of het verkrijgen ervan
  • Je hebt eerder geprobeerd te minderen of te stoppen maar dat is mislukt
  • Je gebruikt vaker en in grotere hoeveelheden dan je eigenlijk voor ogen had
  • Je hebt een sterk verlangen om te gebruiken
  • Je gebruik zorgt er voor dat je het op werk, school of thuis niet aan kunt
  • Je blijft gebruikt ondanks de problemen die het meebrengt in relationele sferen
  • Je geeft werk, sociale activiteiten en hobby’s op om te kunnen gebruiken
  • Je gebruikt voortdurend ook al kom je daardoor op welke wijze dan ook in gevaar
  • Je blijft gebruiken ondanks lichamelijke of psychologische problemen
  • Je hebt steeds grotere hoeveelheden nodig om het effect nog te voelen
  • Je krijgt onthoudingsverschijnselen die weer verdwijnen door meer te gebruiken.

Volgens de criteria van de DSM V bestaat er geen suikerverslaving. Voeding heeft fysiologisch gezien een belonend karakter, omdat voeding noodzakelijk is als strategie om te overleven als mens. Het is daarnaast nog maar de vraag of er sprake is van een verslaving aan een enkele voedingsstof, want de onderzoeken daarover zijn uitermate zwak. De onderzoeken die suikerverslaving aantonen zijn gedaan op ratten en zijn moeilijk te vertalen naar de mens, omdat ratten geen prefrontale cortex hebben. [1,2]

Als puur suiker verslavend zou werken, waarom eten we dan niet uit de suikerpot om in onze onontkoombare behoeften te voorzien? Dan zouden de supermarkten een serieus probleem hebben met trillende suikerverslaafden voor de deur, want een kilo suiker is een stuk goedkoper dan een kilo cocaïne. Ik spreek overigens niet uit eigen ervaring wat dat betreft. In de wetenschappelijke literatuur wordt er ook niet over suikerverslaving gesproken. Waarom niet? Omdat het simpelweg niet bestaat. [3-5]

Uiteraard doet de voedingsindustrie er natuurlijk wel alles aan om ons zoveel mogelijk te laten consumeren. De producten waar wij naar smachten bestaan dan ook vrijwel nooit uit alleen suiker, omdat ze na jaren onderzoek van miljarden euro’s weten dat we alleen daardoor niet meer gaan eten en/of drinken. Het is vaak de gouden combinatie van suiker, vet, zout en zoetstoffen in combinatie met allerlei verleidingstechnieken (zoals, kleur, geur, laagjes, etc.)  die er voor zorgen dat we blijven eten.

Dat gedrag wordt vervolgens versterkt door diverse psychosociale- en omgevingsfactoren zoals eten in gezelschap, eten voor de TV, emoties, prijs, marketing, beschikbaarheid, etc. De volgende uitspraak vat het mooi samen: “het geheel is meer dan de som der delen”. Zie deze verleidingen maar eens te weerstaan met je goede gedrag. Als een suikerverslaving al zou bestaan dan zouden we dus eerder moeten spreken van een suiker-zout-vet-zoetstof-marketing-emotie-omgeving-genetica-verslaving.

Is suiker net zo verslavend als cocaïne?

Op het internet circuleren allerlei afbeeldingen van hersenscans waarin wordt aangetoond dat suiker hetzelfde effect heeft als cocaïne omdat dezelfde beloningsgebieden in de hersenen worden opgelicht. Vervolgens wordt automatisch de conclusie getrokken dat suiker dan net zo verslavend is als cocaïne. Met dit soort kortzichtige redenaties zouden we nog steeds denken dat de wereld plat is. Correlatie is nog geen causaliteit.

Eerder in dit artikel heb ik al aangeduid dat suikerverslaving, in tegenstelling tot een cocaïneverslaving, niet bestaat. Dat dezelfde beloningsgebieden in de hersenen worden opgelicht heeft te maken met een neurotransmitter genaamd dopamine. Deze dopamine-afgifte is een logische fysiologische reactie wanneer je als mens genot en plezier ervaart. Deze gebieden lichten op wanneer je cocaïne gebruikt of iets lekkers eet, maar bijvoorbeeld ook wanneer je een potje seks hebt.

In tegenstelling tot suiker zorgt cocaïne voor een aantal blijvende veranderingen in de structuren van je hersenen en de zenuwbanen die gepaard gaan met cocaïneverslaving. Denk hierbij aan de afname van het aantal dopaminereceptoren gevolgd door tolerantie en allerlei ontwenningsverschijnselen als je stopt met cocaïnegebruik, wat we ook wel afkicken noemen. Dit zijn een aantal criteria die thuishoren in het totale verslavingsmodel, maar niet worden gevonden bij het innemen van suiker.

Zorgt het eten van suiker voor diabetes?

Dat Diabetes ook wel suikerziekte wordt genoemd zorgt voor een hoop verwarring, omdat het in eerste instantie logischerwijs suggereert dat je door suiker te eten diabetes krijgt. Dat het lichaam bij mensen met diabetes de bloedsuikerspiegel niet meer in evenwicht houdt is echter niet het gevolg van suiker, maar doordat het lichaam te weinig of niks van het hormoon insuline aanmaakt.

Bij mensen met diabetes type I komt dit door een auto-immuun aandoening die kan ontstaan als het immuunsysteem van het lichaam (dat infecties tegengaat) zich tegen een deel van het lichaam keert. Bij diabetes types II is dit vaker verbonden met oudere leeftijd, zwaarlijvigheid, erfelijkheid van diabetes, een geschiedenis van zwangerschapsdiabetes, fysieke inactiviteit en afkomst.

Een groot deel van de mensen met type 2 diabetes hebben chronisch overgewicht. Chronisch overgewicht is het gevolg van een structureel calorieoverschot (je krijgt meer energie binnen door middel van voeding dan dat je aan energie gebruikt). Dit heeft de chronische opslag van vet in de vetcellen tot gevolg. Er komen meer vetcellen bij en ze worden groter en groter. De grote hoeveelheid vet brengt een ontstekingsactiviteit met zich mee.

De vetcellen raken ongevoelig voor insuline oftewel insulineresistent waardoor ze geen vet meer op kunnen slaan. Het vet blijft vervolgens in de bloedbaan circuleren waardoor grote hoeveelheden vet moeten worden opgeslagen in andere cellen van het lichaam waarna ook die cellen vervolgens insulineresistent raken. Het hele systeem is aan het vervetten wat we uiteindelijk systematische insulineresistentie noemen, oftewel diabetes type II.

Insulineresistentie is een overlevingsmechanisme van het lichaam om er voor te zorgen dat de lever niet alsmaar meer glucose blijft produceren. De belangrijkste rol van insuline is dus niet het stimuleren van de glucoseopname (de opname van kleine hoeveelheden glucose is namelijk ook mogelijk zonder insuline-afgifte), maar het remmen van de glucoseproductie door de lever.

Verbeteringen bij diabetespatiënten type II hebben niet zozeer te maken het minderen van suikers, maar met het gewichtsverlies als gevolg van het structurele calorietekort dat wordt gecreëerd door onder andere suikerrijke producten te minderen. Insulineresistentie is dus het gevolg van een ongezonde hoeveelheid lichaamsvet waarbij insulinegevoeligheid verbetert wanneer de vetcellen krimpen.

Tot slot is het belangrijk om je te beseffen dat insulinepieken noodzakelijk zijn om de glucosehuishouding te reguleren. De zintuigen van de alvleesklier reageren op de stijgende bloedglucose en geven vervolgens insuline af. Wanneer het bloedglucose weer daalt, daalt ook de hoeveelheid insuline weer. Dit is een gezond fysiologisch proces dat je niet moet willen voorkomen. Bij diabetespatiënten is het vrijwel uitblijven van deze piek juist het probleem.

Voedselverslaving of eetverslaving?

Voor je iets daadwerkelijk in je mond stopt, begint te kauwen en het vervolgens doorslikt, gaat een heel proces aan vooraf. Dit heeft veel meer met gedrag te maken dan met voedsel. Het is dan ook veel belangrijker om ons gedrag onder de loep te nemen dan een enkele voedingsstof te demoniseren. Als het alleen aan een voedingsstof lag dan waren we niet zover van huis als je kijkt naar gezondheidsproblemen als diabetes. Een suiker is een suiker en het lichaam maakt daar geen onderscheid in. 

We weten dat overgewicht fysiologisch gezien het gevolg is van structurele overconsumptie. Waarom we structureel teveel eten en drinken is echter een zeer complex biopsychosociaal vraagstuk. Willen we hier antwoord op geven? Dan zullen we het vanuit alle invalshoeken moeten benaderen en hier oplossingen voor bieden. Daarbij zou de focus moeten liggen op ons gedrag. Als een suikerverslaving al zou bestaan dan spreken we eerder van een eetverslaving dan van een voedselverslaving.

Het structureel aanpassen van je voedingspatroon leidt tot een structurele oplossing met betrekking tot overgewicht. Gekscherend wordt weleens gezegd dat de beste manier om 10kg aan te komen is door eerst 8kg af te vallen. Mensen houden het aanpassen van hun voedingspatroon op de lange termijn niet vol terwijl consistentie uiteindelijk de sleutel tot succes is. Het is daarom van belang dat je een voedingspatroon samenstelt dat voldoet aan de fysiologische wetmatigheden, maar ook psychologisch bij je past.

Bronnen

  1. Avena NM, Rada P, Hoebel BG. Evidence for sugar addiction: behavioral and neurochemical effects of intermittent, excessive sugar intake. Neurosci Biobehav Rev. 2008;32(1):20-39.
  2. Avena NM, Long KA, Hoebel BG. Sugar-dependent rats show enhanced responding for sugar after abstinence: evidence of a sugar deprivation effect. Physiol Behav. 2005 Mar 16;84(3):359-62.
  3. Benton D. The plausibility of sugar addiction and its role in obesity and eating disorders. Clin Nutr 2010; 29: 288–303.
  4. Hebebrand J, Albayrak O, Adan R, Antel J, Dieguez C, de Jong J et al. “Eating addiction”, rather than “food addiction”, better captures addictive-like eating behaviour. Neurosci Biobehav Rev 2014; 47: 295–306.
  5. Jong JW de. Eating addiction? The nerves and fibers that control food intake. ISBN: 978-94-6228-642-9. Publisher: Utrecht University.

Fit in 2021!
Word nu lid vanaf slechts 14,99 per maand (tot 37% korting!)

Sportschool dicht? Geen probleem. Start met PBP@Home of PBP@Park en wissel, indien je dat wilt, kosteloos naar PBP@Gym zodra de sportscholen weer open zijn.

Je kunt aankomende maandag al starten of kies een latere startdatum. Let op: dit is een tijdelijk aanbod en alleen geldig zolang er nog plek is. Vol=Vol.

Word nu lid

Vond je dit artikel interessant?

Ja 👍🏼Nee 👎🏼

Als je je mening achterlaat, kunnen we onze blogartikelen verbeteren.